Hoe begint het? Hoe ontstaat het idee om een reünie te organiseren? En wie komt er als eerste mee? De vier heren om de tafel in de commissiekamer van vv Zwaagwesteinde kijken elkaar eens aan. Jelle Arjaans, Wietze van der Valle en Taeke van Kammen hadden het er met z’n drieën al eens terloops over gehad. En toen Hendrik de Zwart er tegen Wietze over begon en zei dat hij graag wilde meewerken, toen was de kogel wel zo ongeveer door de kerk.

Afijn, zo begon het en daarna liep het met de vier en de organisatie van de reünie soepeltjes. Met dank aan de sociale media, want via die kanalen verspreidde het nieuws zich razendsnel onder het motto ‘Hoort, zegt het voort’. Toch zeker een dikke 160 personen hebben al aangegeven interesse te hebben. “Tel de oanhing der noch even by en je sitte samar op in dikke twahûndert”, rekent De Zwart snel uit. 31 januari 2026 is de dag en Old Dutch is de locatie.
 

Volgens de mannen, allen net iets jonger of net iets ouder dan 45, is het de eerste reünie in de historie van vv Zwaagwesteinde. Nou ja, de club is van 1931 en dus werd in 2006 het 75-jarig bestaan gevierd. Dat was tegelijkertijd ook een soort van reünie, maar toch vooral een jubileumfeest. Dus is deze reünie uniek en toegankelijk voor iedereen die als speler, trainer of begeleider, bestuurslid of gewoon als aanhanger van het zondagvoetbal in de Westereen verbonden was aan de Readtsjes.

Stamkroeg

Reünies worden altijd gevoed door een zekere nostalgie, vandaar dat gekozen is voor Old Dutch als plaats van handeling. Dat café mocht je wel de stamkroeg van de Readtsjes noemen en trouwens, oud-eerste elftalspeler Melle Prins zwaait er nu de scepter. Het had ook in de prachtige kantine van vv Zwaagwesteinde gekund, maar enig historisch besef is de oud-voetballers niet vreemd en dus werd het Old Dutch.

Behalve de sociale media helpen ook de mobieltjes met foto- annex filmcamera mee in een geslaagde reünie. Jelle Arjaans, toch al een verzamelaar van historisch Zwaagwesteinde-materiaal, is opgetogen: “It binne allegearre foto’s en filmkes. Dy litte wy op de reuny de hiele jûn sjen. Wy hawwe gjin live-musyk, wy wolle dat de minsken, dy’t elkoar lang net sjoen hawwe en mekoar hiel wat te fertellen ha, prate kinne.”

 
Tot zover de feitelijkheden, tot zover voor wat komen gaat. Tijd zat om nog even met de vier over het roemruchte verleden te praten. Wietze van der Valle, een van de organisatoren, speelde voor Zwaagwesteinde én voor Harkema-Opeinde. Die overstap werd hem niet echt kwalijk genomen. Van der Valle: “Ik wenne yn Twizel, ik koe twa kanten op.”

Sipke Hulshof voetbalde al in de Westereen. De oud-trainer van Cambuur kwam ook van Twijzel, waar zijn vader een fietsmakerij annex benzinepomp had. Hulshof speelde een aantal jaren zeer verdienstelijk voor de Readtsjes. “Mar”, zeggen de mannen, “doe koedest al sjen dat hy mear in toptrainer as in topfuotballer wie.” Hulshof zal er waarschijnlijk de 31ste januari niet bij zijn. Als assistent-trainer van Liverpool, als rechterhand van Arne Slot, kan hij daar niet worden gemist.
 
 
Oeter

Een andere tamelijk wereldberoemde Westereender voetballer was natuurlijk Johan Zuidema, die het voetballen bij de Readsjes leerde, doorstoomde naar Cambuur en vervolgens naar FC Twente. Hij werd zelfs international. In dienst van Ajax kwam door een zware blessure een vroegtijdig einde aan de carrière van Oeter, zoals zijn bijnaam luidde.

Arjaans speelde trouwens ook in het eerste elftal en hij had een belangrijke rol in het overeind houden van zondagclub Zwaagwesteinde. In 2012 dreigde de hele zondagafdeling ter ziele te gaan, maar dankzij Arjaans en een paar medestanders werd het zondagse bestaan gerekt tot 2018. Toen was het na al die glorieuze jaren in de eind vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw gedaan met het voetbal op zondag. De vv Zwaagwesteinde is nu een volledige zaterdagclub, net zoals zoveel Friese zondagclubs dat zijn geworden.
De Readtsjes hebben prachtige successen geboekt. De wedstrijd in Roden tegen CEC staat na dertig jaar nog steeds op het netvlies van Taeke van Kammen. Van Kammen: “Ik moast de beslissende strafskop nimme. Dy wie raak en doe wie it in grut feest. De Readtsjes kamen nei hast tritich jier wer werom yn de earste klasse.”

Maar waar ze speelden ontstond ook wel eens een relletje, buiten hun schuld vanzelfsprekend. Westereenders zijn nogal koart foar de kop, vandaar. Toevallig bladert Jelle Arjaans op zijn telefoon langs een artikel over een duel in Groningen tegen Velocitas. Hij staat op de bijbehorende foto, vlak bij een opstootje. “Doe stie ik noch”, zegt Arjaans, “in pear tellen letter leine der sân man op my. Ik ha de jûns noch al even nei it sikenhûs west. In bytsje duzelich, wyst wol.”
 
Bijnamen

Op de site van VoetbalNederland zijn de topscorers van de Readtsjes door de jaren heen te vinden, met naam en bijnaam zelfs. ‘Black Beauty’ staat er achter Arjaans, die doet alsof hij de naam voor het eerst hoort. “Ik tilde as ik draafde de knibbels nochal heech op, dêr sil it fan komme.”

We nemen nog een paar namen door. Tjalling van der Galiën had als bijnaam El Nino, Iede Boersma noemden ze De Tank. Hendrik de Zwart kreeg ‘De Hurdrinner’ mee, hij lacht achter zijn kop koffie als hij dat hoort. Jan Gjaltema werd Kwark genoemd, dat kwam van zijn heit, dat was Kwarkje.

Het Zwaagwesteinde van de vijftiger en zestiger jaren trok honderden, zelfs duizenden toeschouwers bij de thuiswedstrijden. Ze kwamen van heinde en verre en meestal op de fiets uit de omringende dorpen. Er zijn nog voetballers van die topperiode in leven, maar veel zijn er het niet meer. De reünie richt zich vooral op iedereen, die vanaf ongeveer de zeventiger jaren betrokken was bij het wel en wee van de club. Jelle Arjaans: “Mar wy slute net ien út, elk is wolkom.”