DOKKUM – Na bijna vijftig jaar houdt De Ponderosa in Dokkum het voor gezien. Een besluit dat Machiel en Betty Kamerling niet van vandaag op morgen namen. De toekomst van de Nederlandse discotheken ziet er somber uit, stelt Kamerling nuchter vast. “Er worden te veel evenementen georganiseerd. Voor disco’s is eigenlijk geen plaats meer.”

Wat blijft, zijn de herinneringen. De verhalen. En het tastbare bewijs dat De Ponderosa decennialang een broedplaats van geluk was. Hoeveel baby’s er, dankzij De Ponderosa als tussenstap, uiteindelijk op de wereld zijn gezet? Machiel Kamerling durft het niet te zeggen. Hij lacht. “Maar reken er maar op dat je onze bar-dancing er gemakkelijk mee vult.”
 
Herinneringen vormen het fundament van een tijdperk dat vooral veel blijdschap kende. Daar denkt ‘Pake Pon’ – de bijnaam waaronder generaties bezoekers hem kennen – het liefst aan terug. De krasse tachtiger, die op vrijdag 13 februari 81 werd, kijkt zonder bitterheid terug. “De mooie dingen, die blijven hangen.”
 
Vier discotheken
Samen met zijn vrouw Betty begon hij ruim een halve eeuw geleden aan een horecaleven dat zijn weerga niet kende. Hun eerste discotheek opende in Surhuisterveen: Bar Bouquet. Ze woonden er zelf boven. “We waren jong”, zegt Kamerling. “Ik was dertig, mijn vrouw zesentwintig. En nee, we hadden geen papieren. Die moesten we allemaal nog halen.”
 
Het bleef niet bij die ene zaak. In de jaren die volgden kwamen De Lauwers (ook in Surhuisterveen), De Twilight in Drachten en uiteindelijk
De Ponderosa in Dokkum. “Het was hard werken, maar het waren mooie tijden.”
 
De taakverdeling was vanzelfsprekend. “We deden het samen”, zegt Kamerling. “En dat is altijd goed gegaan.” Hij glimlacht. Met familie zakendoen, zeggen ze wel eens, levert problemen op. “Bij ons werkte het prima. We zijn inmiddels 55 jaar samen. Betty is nog steeds een heel lieve vrouw…”
 
Ook nee kunnen zeggen
Machiel Kamerling was altijd in De Ponderosa. Gastheer met een vriendelijk doch streng oog voor het onverkwikkelijke. Huisregels golden voor iedereen. “Gedraag je je niet, dan ga je ergens anders heen. Zo simpel is het.” Toch overheerste altijd het positieve. “Er is zóveel lieve jeugd. We hebben zoveel plezier met elkaar gehad. Daar doe je het voor.” En nooit een druppel gedronken als hij in de zaak was. “Dan zie je alles zoals het is. En dat is belangrijk, want je moet ook nee kunnen zeggen.”
 
Dat hij door diezelfde jeugd ‘Pake Pon’ werd genoemd, beschouwt hij als een eretitel. “Veel kennen mijn echte naam niet eens.” Hij vertelt lachend hoe hij zelfs eens op een camping in Zweden werd herkend. “Dat zijn dingen die je onthoudt.” 
 
Dat het stoppen hem niet onberoerd laat, steekt hij niet onder stoelen of banken. Hij vindt het hartstikke jammer dat het geplande slotfeest (zie kader) op 14 februari niet doorgaat. “Dat doet me wel wat. Maar het is jammer genoeg niet anders. Want als je de veiligheid van 
de bezoekers niet kunt garanderen…” Het Stappers van Toen-feest – een week later (21 februari) – gaat gelukkig wel door.
 
Tentfeesten
Kamerling benadrukt dat het stoppen niets met de recente incidenten te maken hebben. Er is een evenementenfile ontstaan die de disco naar de allerlaatste plek in de rij heeft gedrukt: “Vroeger had je een tentfeest in het dorp. Nu heb je van maart tot november elk weekend grote evenementen, overal in de regio. Die slokken alles op.” Voor plattelandsdiscotheken is het nauwelijks bij te benen. “Wij konden het zo lang volhouden omdat het ons eigen pand was. Voor een huurder is dit niet meer te doen.” 
 
Extra pijnlijk was dat zijn kleindochter de zaak graag had willen overnemen. “Ze werkt hier al sinds haar zestiende. Ze is nu dertig. Maar dit kun je haar niet aandoen. Een discotheek heeft geen toekomst meer.” Wat er met het pand gebeurt, weet hij nog niet precies. “Het is verkocht aan een aannemer. Waarschijnlijk komen er woningen of appartementen. Horeca komt hier niet meer terug.”
 
En Machiel en Betty zelf? Die blijven niet stilzitten. “We hebben een grote tuin”, zegt hij droog. “Daar is altijd werk. We hebben het goed samen.” En hij weet een ding zeker: de herinneringen blijven. Zoveel mensen hebben hier hun liefde gevonden. Dat doet wat. En laat die paar vervelende momenten maar zitten. Die tellen niet.